ECLI:NL:RVS:2003:AL3397
Raad van State · 01-10-2003 · zaaknummer 200302681/1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 27 november 2002 heeft verweerder aan appellante een last onder dwangsom als bedoeld in artikel 5:32, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht opgelegd. De dwangsom is vastgesteld op € 15.000 per maand dat het bedrijf van appellante op het adres [locatie] te [plaats] na 1 januari 2004 niet beschikt over een revisievergunning. Het maximum waarboven geen dwangsommen meer worden verbeurd is bepaald op € 60.000.
Rechters
Advocaten
- R. van der Hoof
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Wester-Koggenland
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Wester-Koggenland
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
