ECLI:NL:RVS:2003:AH9826
Raad van State · 11-07-2003 · zaaknummer 200301331/1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 oktober 2002 heeft verweerder aan verzoeker een last onder dwangsom als bedoeld in artikel 5:32, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht opgelegd. De dwangsom is vastgesteld op: 1. € 5.000,00 voor elke maand of gedeelte van een maand dat overtreding van voorschrift 2.2.4 voortduurt. Het maximum waarboven geen dwangsom meer wordt verbeurd is vastgesteld op € 15.000,00; 2. € 1.500,00 voor elke keer dat wordt geconstateerd dat voorschrift 1.3.1 wordt overtreden. Het maximum waarboven geen dwangsom meer wordt verbeurd is vastgesteld op € 4.500,00; 3. € 3.000,00 voor elke maand of gedeelte van een maand dat de voorschriften 1.3.4 tot en met 1.3.6 worden overtreden. Het maximum waarboven geen dwangsom meer wordt verbeurd is vastgesteld op € 3.000,00; 4. € 5.000,00 voor elke keer dat wordt geconstateerd dat de voorschriften 1.9.1 en 2.2.1 worden overtreden. Het maximum waarboven geen dwangsom meer wordt verbeurd is vastgesteld op € 15.000,00.
Rechters
Advocaten
- D.A. van Niel
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Lopik
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Lopik
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
