ECLI:NL:RVS:2003:AH8615
Raad van State · 25-06-2003 · zaaknummer 200203796/1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 16 maart 2001 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lith (hierna: het college) met gebruikmaking van de door het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant (hierna: het college van gedeputeerde staten) op 19 december 2000 afgegeven verklaringen van geen bezwaar, aan [vergunninghouder] vrijstelling, als bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (hierna: de WRO), zoals deze bepaling luidde tot 3 april 2000, en bouwvergunning verleend voor het oprichten van een bedrijfswoning met garage op het perceel [locatie] te [plaats] (hierna: het perceel). Bij besluit van 23 november 2001 heeft het college het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Advocaten
- C.J. Driessen
- H.J. Kastein
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
