ECLI:NL:RVS:2002:AE8033
Raad van State · 25-09-2002 · zaaknummer 200200090/1
Inhoudsindicatie
Ook indien partners beschikken over afzonderlijke woonruimte kan sprake zijn van feitelijke samenwoning, waardoor geen recht op huursubsidie bestaat Nadere vaststelling en terugvordering van teveel betaalde huursubsidie door de Staatssecretaris omdat aannemelijk is geworden dat appellante duurzaam heeft samengewoond in de zin van art. 5 Wet IHS. De Staatssecretaris heeft zijn besluiten gebaseerd op de rapportages van de Dienst Recherchezaken van het Ministerie van VROM en van de Sociale Recherche te Nijmegen. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat de rapportages voldoende grond bieden voor het oordeel dat appellante en A in de onderhavige periode hebben samengewoond en dat A zijn woning voornamelijk als atelier heeft gebruikt. De uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 12 augustus 1997 (JAWB 1997/165), waarnaar appellante verwijst, doet hier niet aan af. Deze jurisprudentie bevestigt immers juist dat ook in het geval betrokkenen ieder beschikken over afzonderlijke woonruimte niettemin sprake kan zijn van een hoofdverblijf in dezelfde woning, indien aannemelijk is dat desondanks sprake is van een situatie van feitelijke samenwoning doordat op andere wijze zodanig gebruik van deze woningen wordt gemaakt dat feitelijk van samenwonen moet worden gesproken. Met de rechtbank acht de Afdeling dat laatste in het onderhavige geding voldoende aannemelijk geworden. Hoger beroep gegrond. De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. mr. C. de Gooijer
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
