ECLI:NL:RVS:2001:AD4993
Raad van State · 17-10-2001 · zaaknummer 200004714/1
Inhoudsindicatie
Criterium “andere bevredigende oplossing” in art. 10.1 Vogelwet 1936, dient de rechter terughoudend te toetsen. Verlenen vergunning ex art. 10 Vogelwet 1936 voor het opsporen, bemachtigen en doden van kok- en zilvermeeuwen en om daarbij gebruik te maken van een geweer op nader aangegeven gronden en water. Daartoe is overwogen dat de meeuwen ziekteverwekkers bij zich dragen, die via de uitwerpselen in het water van de geïsoleerde recreatieplas terecht komen. Zwemmen en spelen in dergelijk besmet water brengt ernstige gezondheidsrisico’s met zich, aldus de commissaris. De rechtbank heeft overwogen dat de commissaris niet in redelijkheid tot het verlenen van de vergunning heeft kunnen besluiten, omdat er, teneinde te waarborgen dat aan de waterkwaliteitseisen wordt voldaan, een andere bevredigende oplossing bestaat. Vergunninghoudster bestrijdt dit oordeel met succes. De rechtbank heeft genoemde conclusie gebaseerd op haar eigen oordeel dat bemonstering van de recreatieplas en het (eventueel) naar aanleiding daarvan instellen van een zwemverbod de voorkeur heeft boven het doden van kok- en zilvermeeuwen. Het criterium dat er geen andere bevredigende oplossing bestaat, impliceert evenwel een zekere beoordelingsvrijheid, die door de rechter terughoudend dient te worden getoetst. De rechtbank heeft daarbij bovendien miskend dat het begrip “andere bevredigende oplossing” blijkens de wetsgeschiedenis betrekking heeft op handelingen die wettelijk ten aanzien van een aantal soorten zijn toegestaan en die een schadebeperkend effect hebben. Het controleren van de waterkwaliteit en het eventueel naar aanleiding daarvan instellen van een zwemverbod is een oplossing die hier buiten valt en dan ook niet voor de hand ligt. De ABRS komt derhalve, anders dan de rechtbank , tot de conclusie dat de Commissaris op voldoende overtuigende wijze heeft uiteen gezet dat er geen andere, bevredigende verjagingsmiddelen zijn om de door kok- en zilvermeeuwen veroorzaakte vervuiling van de recreatieplas te beteugelen. Gegrond hoger beroep. de Commissaris van de Koningin in de provincie Gelderland. mrs. J.A.E. van der Does, J.M. Boll, C.A. Terwee-van Hilten,
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
