ECLI:NL:RVS:2001:AD4988
Raad van State · 12-09-2001 · zaaknummer 200103726/1
Inhoudsindicatie
Nu appellant nog niet onherroepelijk was veroordeeld, was, anders dan appellant ter zitting heeft gesteld, de datum van zijn ontslag uit detentie ongewis. In die situatie kon van de Staatssecretaris niet worden gevergd dat de voorbereiding van de uitzetting zo werd ingericht, dat die uitzetting aansluitend aan het einde van de detentie kon plaatsvinden en iedere vreemdelingenbewaring dientengevolge achterwege kon blijven. Derhalve bestaat geen grond voor het oordeel dat, omdat dat niet is gebeurd, de bewaring vanaf de aanvang onrechtmatig was.
Advocaten
- M. Hersman
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
