ECLI:NL:RVS:2001:AD3921
Raad van State · 12-09-2001 · zaaknummer 200002733/1.
Inhoudsindicatie
Tweede dienstwoning. Voor de toepassing van de planvoorschriften doet niet ter zake dat eerste dienstwoning feitelijk niet meer de dienstwoning is. Weigering vrijstelling (binnenplans) en bouwvergunning voor het oprichten van een dienstwoning bij een hotel-restaurant. Op het perceel rust de bestemming "bos en recreatieterrein met bebouwing, klasse C, horecabedrijven". Ingevolge de planvoorschriften zijn deze gronden bestemd voor de bouw van gebouwen ten dienste van het hotel-, café- en restaurantbedrijf, met onder meer dienstwoningen met dien verstande dat per bedrijf ten hoogste 1 dienstwoning met een maximum inhoud van 450 m3, voor zover nodig in verband met het gebruik van andere gebouwen op dat perceel, zal worden gebouwd. B&W hebben terecht aangenomen dat de woning op het aangrenzende perceel is aan te merken als de op grond van vermelde bepaling toegelaten dienstwoning bij het hotel. De rechtbank heeft met juistheid vastgesteld dat er ten tijde van het opstellen en het van kracht worden van het bestemmingsplan een functionele binding bestond tussen het pand en het hotel, die binnen hetzelfde op de plankaart aangegeven bebouwingsoppervlak liggen. Door het pand onder de vermelde bestemming te brengen heeft de planwetgever die situatie positief vastgelegd, hetgeen betekent dat de toegelaten dienstwoning reeds aanwezig is. Zoals de rechtbank verder terecht en op goede gronden heeft overwogen, doet het voor de toepassing van de planvoorschriften niet ter zake dat het pand feitelijk niet meer de dienstwoning is. De eerder verleende bouwvergunningen voor de verbouwingen van het pand, bieden evenmin grond voor een ander oordeel. Aan de geschiktheid als dienstwoning doen die verbouwingen niet af, en in zoverre die bouwvergunningen in strijd met het bestemmingsplan zijn verleend, noopt dat er niet toe dat thans wederom te doen voor een tweede dienstwoning. De rechtbank heeft terecht en op goede gronden overwogen dat de gevraagde bouwvergunning diende te worden geweigerd. mrs. J.H.B. van der Meer, C.A. Terwee-van Hilten, P.A. Offers Burgemeester en wethouders van Holten.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
