Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RVS:2001:AD3791

Raad van State · 05-09-2001 · zaaknummer 200003779/1.

Bestuursrecht; OmgevingsrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Imperatief geformuleerde vrijstellingsbepaling is in strijd met art. 15 WRO. De enige uitzondering daarop is de toverformule. Bouwvergunning en binnenplanse vrijstelling ex art. 20.4 planvoorschriften verleend voor aanlegsteiger. Ingevolge art. 20.4 planvoorschriften verlenen B&W, indien op openbaar terrein of anderszins in voldoende parkeergelegenheid is of wordt voorzien, vrijstelling van het voorschrift dat de aan te leggen parkeerplaatsen op eigen terrein dienen te worden gerealiseerd. De rechtbank heeft voormelde vrijstellingsbepaling ten onrechte niet onverbindend geacht wegens strijd met art.15 WRO. In haar uitspraak van 17 november 1997, inzake no. E01.96.0238, gepubliceerd in Milieu en Recht 1998, nr. 42, heeft de ABRS overwogen dat een vrijstellingsbepaling niet zo ver kan strekken dat onder bepaalde voorwaarden B&W verplicht zijn vrijstelling te verlenen. De in de aangevallen uitspraak (red: van de ABRS) geciteerde uitzondering die blijkens die uitspraak noodzakelijkerwijs moet worden gemaakt voor de zogeheten toverformule is uitsluitend gegeven om te voorkomen dat niet meer wordt voldaan aan art. 10.1, tweede volzin, WRO. Voor een andere uitzondering is geen plaats. De vrijstellingsbepaling in art. 20.4 is imperatief geformuleerd, zodat B&W verplicht zijn vrijstelling te verlenen indien aan de in de regeling gestelde voorwaarde wordt voldaan. De rechtbank kan niet worden gevolgd in haar oordeel dat gezien de redactie en met name de strekking van de voorliggende vrijstellingsbepaling een belangenafweging of toepassing van het bepaalde in art. 3:4 Awb op zich niet zonder meer is uitgesloten. Weliswaar laat de vrijstellingsbepaling B&W enige beoordelingsruimte of aan de gestelde voorwaarden is voldaan, doch van een mogelijkheid tot belangenafweging ter zake van het verlenen van de vrijstelling is geen sprake. Gelet op het vorenstaande is art. 20.4 planvoorschriften in strijd met art. 15 WRO. Vernietigt uitspraak rechtbank Roermond van 27 juni 2000, inzake no. 99/964 BSTPL K1, ECLI:NL:RBROE:2000:AA7409. Burgemeester en wethouders van Roermond. mrs. J.M. Boll, F.P. Zwart, P.A. Offers

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.