Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RVS:2001:AA9979

Raad van State · 25-01-2001 · zaaknummer 199903519/1.

Bestuursrecht; OmgevingsrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

In dit geval kan het bereikbaarheidsvereiste van art. 2.5.3 bouwverordening er niet zonder meer toe leiden dat de ingevolge het bestemmingsplan toegestane bouwmogelijkheid blijvend teniet wordt gedaan. Weigering bouwvergunning voor de oprichting van vier woningen op de grond dat niet is voldaan aan het bereikbaarheidsvereiste van art. 2.5.3.1 bouwverordening. Ingevolge dit artikelonderdeel moet, indien de toegang tot een bouwwerk dat voor verblijf van mensen is bestemd meer dan tien meter is verwijderd van een openbare weg, een verbindingsweg tussen die toegang en het openbare wegennet aanwezig zijn die geschikt is voor verhuisauto's, ziekenauto's, brandweerauto's en het overige te verwachten verkeer. Volgens B&W is niet voorzien in een adequate ontsluiting van het perceel vanaf de openbare weg Het Zand. Anders dan B&W menen vormt voor de beoordeling van de onderhavige vergunningaanvraag nog het als bestemmingsplan aan te merken "Uitbreidingsplan Partieel Plan Het Zand" uit 1941 het toetsingskader. Het bouwplan is in overeenstemming met de ingevolge dit plan op het perceel rustende bestemming. Aangezien het Uitbreidingsplan geen voorschriften bevat die hetzelfde onderwerp regelen, hebben B&W, gelet op art. 9.2 Woningwet, het bouwplan derhalve terecht mede getoetst aan art. 2.5.3.1 bouwverordening. Nu de bouw van de vier woningen op grond van de geldende bestemming is toegestaan, kan, naar het oordeel van de Afdeling, in dit geval de in art. 2.5.3 neergelegde eis er evenwel niet zonder meer toe leiden dat deze bouwmogelijkheid blijvend teniet wordt gedaan. Daartoe is van belang dat de breedte van het Zandpaadje, gelegen tussen het perceel en de openbare weg, wordt beperkt door een hierop ter hoogte van Het Zand geplaatste betonnen paal. Zonder deze paal is het Zandpaadje voldoende breed om te kunnen dienen als verbindingsweg ex art. 2.5.3.1 bouwverordening. B&W hadden in dit geval dan ook behoren te onderzoeken op welke wijze de belemmeringen om het Zandpaadje als verbindingsweg te kunnen aanmerken kunnen worden opgeheven. Gegrond hoger beroep. Burgemeester en wethouders van Boxmeer. mrs. C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek, J.H.B. van der Meer, P.J.J. van Buuren Woningwet 9.1, 9.2, 44.b Bestemmingsplan "Het Zand": gemeente Boxmeer Uitbreidingsplan Partieel Plan Het Zand: gemeente Boxmeer 4.3 Bouwverordening gemeente Boxmeer 2.5.3, 2.5.3.1

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.