Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RVS:2000:AA9364

Raad van State · 14-12-2000 · zaaknummer 200001436/1

Bestuursrecht; OmgevingsrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Bij de vraag of bij toepassing van art. 14 Woningwet sprake is van een woning, is van belang de feitelijke bewoningssituatie sedert jaren. Voorzieningenaanschrijving. In geschil is of sprake is van een woning ex art. 14 Woningwet. De rechtbank heeft het bestreden besluit vernietigd op de grond dat B&W er ten onrechte vanuit zijn gegaan dat ten aanzien van alle in het pand gevestigde wooneenheden sprake is van woningen. B&W bestrijden dat oordeel met succes. Nu de Woningwet geen omschrijving geeft van de betekenis van de term woning, hebben B&W bij de toepassing van art. 14.1 van die wet terecht van belang geacht dat in de betrokken ruimtes al jaren wordt gewoond. Niet is gebleken dat de ruimtes ongeschikt zijn voor andere dan incidentele bewoning. Zij hebben een eigen toegang en zijn voorzien van sanitaire voorzieningen en keukens. Dat de Stichting het pand - blijkens de tussen de rechtsvoorgangster van de Stichting en de huurster gesloten huurovereenkomst - als bedrijfsruimte verhuurt en de Huurcommissie bij de beoordeling van een verzoek om wijziging van de huurprijs de huurovereenkomst en niet de feitelijke bewoning bepalend heeft geacht, betekent onder die omstandigheden niet dat B&W zich ten onrechte op het standpunt hebben gesteld dat voor de toepassing van voormelde bepaling sprake is van woningen. Het overgelegde vonnis van de Kantonrechter van 13 augustus 1997, waarin is beslist dat de huurster er niet in is geslaagd te bewijzen dat de partijen bij het sluiten van de huurovereenkomst - anders dan uit de tekst blijkt - de bedoeling hadden om de afzonderlijke ruimtes op de eerste verdieping van het pand te doen onderverhuren als woonruimte met in ondergeschikt opzicht het gebruik als atelier, leidt evenmin tot dat oordeel. Gegrond hoger beroep. Burgemeester en wethouders van Amsterdam De stichting Stichting Beeldende Kunst Werkplaats te Amsterdam, appellanten. Mrs. R.W.L. Loeb, C.A. Terwee-van Hilten en E.A. Alkema

Advocaten

  • S.M.W.L. van Boven

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.