ECLI:NL:RBZWB:2024:4044
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 18-06-2024 · zaaknummer 02/145804-23, 02/111421-21 (tul), 02/186218-20 (tul)
Inhoudsindicatie
Artikelen 285 Sr en 13 en 26 WWM. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan bedreiging van haar reclasseringswerker en aan verboden wapenbezit. De rechtbank acht in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend, maar ziet redenen om hiervan af te wijken gelet op de persoon van verdachte. Strafoplegging: een gevangenisstraf van 90 dagen, waarvan 60 dagen voorwaardelijk, met aftrek van voorarrest en een proeftijd van 2 jaar. Afwijzing van de vorderingen tot tenuitvoerlegging. De rechtbank schat in dat toewijzing van deze vorderingen mogelijk zal leiden tot overvraging van verdachte en uiteindelijk risicoverhogend zal werken.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
