ECLI:NL:RBZWB:2024:341
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 24-01-2024 · zaaknummer BRE 22/4371
Inhoudsindicatie
De rechtbank is van oordeel dat de inspecteur terecht de toepassing van de zogenoemde ‘eigenwoningvrijstelling’ maar deels heeft toegestaan op de schenkingen die belanghebbende in 2017 van haar vader heeft ontvangen. Omdat aan de herroeping van de schenking uit 2009 geen terugwerkende kracht toekomt, is het destijds gedane beroep op de eenmalig verhoogde vrijstelling in stand gebleven. Het goedkeurend beleid van de staatssecretaris (nr 2018D27453) maakt dat in dit geval niet anders. De inspecteur heeft namelijk onweersproken aangevoerd dat aan de herroeping in dit geval fiscale motieven ten grondslag lagen. De rechtbank verklaart het beroep daarom ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
