ECLI:NL:RBZWB:2024:3248
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 01-05-2024 · zaaknummer 10836417 CV EXPL 23-5133 (T)
Inhoudsindicatie
Huur woonruimte. Verhuurder stelt dat de zoon van de huurder, die altijd in het gehuurde heeft gewoond, zonder recht of titel in het gehuurde verblijft (moeder is contractspatij en is inmiddels overleden). Hij wordt in de gelgenheid gesteld dat te bewijzen. Zoon wordt gelijktijdig in de gelegenheid gesteld te bewijzen dat hij als huurder van het gehuurde moet worden gekwalificeerd. Daarnaast komt nog het beroep van zoon op artikel 7:268 lid 2 BW, het beroep van zoon op artikel 4:5 BW en het gezag van gewijsde van een eerder vonnis over het gehuurde ter sprake.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- I. Heijselaar
- L.N.J.B. van Osch
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
