ECLI:NL:RBZWB:2023:2120
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 31-03-2023 · zaaknummer 02-022099-22
Inhoudsindicatie
Verdachte wordt veroordeeld voor verbale bedreiging van een vriend van zijn ex-vriendin en voor het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie, een stroomstootwapen en een jammer (zonder vergunning). Verdachte wordt wegens onvoldoende overtuigend bewijs vrijgesproken van het met zijn auto inrijden op en van de weg rijden van de auto van ex-vriendin (waarin ook een vriend van haar zat). Ook van het mishandelen van deze personen en de bedreiging van zijn ex-vriendin wordt verdachte wegens gebrek aan wettig en/of overtuigend bewijs vrijgesproken. Ondanks oriëntatiepunten die alleen al voor vuurwapenbezit een onvoorwaardelijke gevangenisstraf als uitgangspunt hebben, legt de rechtbank een maximale taakstraf van 240 uur en 1 maand voorwaardelijke gevangenisstraf op in verband met positieve ontwikkelingen bij verdachte.
Advocaten
- P. Grijpstra
- W.J.M. van der Putten
Partijen
[benadeelde]
benadeelde · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
