ECLI:NL:RBZWB:2022:266
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 24-01-2022 · zaaknummer 02-996002-14
Inhoudsindicatie
De raadsman heeft de niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie bepleit op grond van artikel 69 lid 4 Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR). De rechtbank verwerpt dit verweer. Vrijspraak feit 1, valsheid in geschrifte. Dat bepaalde feiten en omstandigheden vragen oproepen, betekent echter niet dat daarmee wettig en overtuigend is bewezen dat er geen prestaties gestaan hebben tegenover de facturen. Vrijspraak feit 2, witwassen. Bekend gronddelict niet wettig en overtuigend bewezen. Voor zover in deze zaak een vermoeden van witwassen is gerechtvaardigd, heeft verdachte een concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring hebben gegeven. Het is een bewuste keuze van het Openbaar Ministerie geweest om hier geen nader onderzoek naar te doen.
Advocaten
Officier van justitie
- C.H.A. Huisman
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
