ECLI:NL:RBZWB:2020:3884
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 20-08-2020 · zaaknummer AWB - 19 _ 5734
Inhoudsindicatie
Art. 3.120 Wet IB 2001. Eigenwoningrente. De rechtbank ziet geen aanleiding om de door belanghebbende betaalde eigenwoningrente fiscaal anders te kwalificeren, waardoor een gedeelte van de rente niet in aftrek kan worden gebracht. De door belanghebbende betaalde vergoeding op de geldlening kwalificeert als ‘renten van schulden’ in de zin van artikel 3.120, eerste lid, onderdeel a van de Wet IB 2001. Het gaat civielrechtelijk om een vergoeding tussen de geldgever en de geldnemer die is overeengekomen als vergoeding voor het gedurende de looptijd van de geldlening ter beschikking stellen van de hoofdsom. Er is ook geen sprake van bijvoorbeeld de situatie dat de lening (nagenoeg) volledig een spaarhypotheek betreft die verlengd wordt “over” de duur van de aflossingsdatum heen. Het beroep is gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
