ECLI:NL:RBZWB:2019:540
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 12-02-2019 · zaaknummer BRE - 17 _ 6412
Inhoudsindicatie
BRE 17/6412 Artikel 7.2 lid 2, aanhef en letter d, van de Wet IB 2001 Nederland mag integraal heffen over het nabestaandenpensioen van belanghebbende. De rechtbank acht hierbij van belang dat de echtgenoot van belanghebbende enkel pensioenpremies heeft voldaan gedurende de periode waarin hij binnenlands belastingplichtig was. De periode waarin hij arbeidsongeschikt was, valt samen met de periode waarin hij en belanghebbende in het buitenland woonden, zodat in die periode van buitenlandse belastingplicht in het geheel geen premies ten laste van de belastbare winst van een Nederlandse onderneming in de zin van artikel 7.2, tweede lid, letter d, van de Wet IB 2001 zijn gekomen. In ieder geval geldt die conclusie voor zover het pensioenfonds ‘de premiebetaling heeft voortgezet’ tijdens de arbeidsongeschiktheidsperiode van de echtgenoot. Het pensioen is daarmee immers premievrij geworden. Belanghebbende kan zich voor het onderhavige jaar evenmin met succes beroepen op het vertrouwensbeginsel omdat het vertrouwen uitdrukkelijk opgezegd was door de inspecteur.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
