ECLI:NL:RBZWB:2019:408
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 25-01-2019 · zaaknummer BRE 17 _ 6506
Inhoudsindicatie
Artikel 3.94 Wet IB 2001. Aannemelijk is dat belanghebbende een (aanzienlijk) voordeel heeft genoten doordat hij minder heeft hoeven te betalen dan de oorspronkelijke aanneemsom, en dat hij zich daarvan bewust was. Niet aannemelijk is echter dat belanghebbende, werknemer bij een bouwbedrijf, beoogde om door zijn zakelijke contacten met de aannemer dit voordeel te behalen en hij dit ook redelijkerwijs kon verwachten. De rechtbank acht niet aannemelijk dat belanghebbende anders dan als privé-persoon heeft onderhandeld over de prijs met de aannemer. Geen sprake van resultaat uit overige werkzaamheden. De navorderingsaanslag en de boete worden vernietigd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
