ECLI:NL:RBZWB:2019:3096
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 10-07-2019 · zaaknummer BRE 17 _ 3953 en 17 _ 4124
Inhoudsindicatie
Belanghebbende is in beroep gekomen ten aanzien van een navorderingsaanslag vennootschapsbelasting en een naheffingsaanslag omzetbelasting en de boetebeschikking betreffende de omzetbelasting. Ten aanzien van de vennootschapsbelasting heeft belanghebbende niet aannemelijk gemaakt dat voldaan is aan de voorwaarden voor het vormen van een voorziening. Niet aannemelijk is dat belanghebbende enige verplichting heeft tot terugbetaling van een managementvergoeding. Ten aanzien van de omzetbelasting heeft de inspecteur de feiten waarop de naheffingsaanslag is gebaseerd voldoende onderbouwd en belanghebbende heeft daartegenover met de blote stelling dat sprake is van feitelijke onjuistheden, deze feiten onvoldoende gemotiveerd betwist. De rechtbank vermindert de vergrijpboete naar 25%. Het is weliswaar aan de grove schuld van belanghebbende te wijten dat ten onrechte verschuldigde omzetbelasting niet is betaald maar de rechtbank acht geen zodanig strafverzwarende omstandigheden aanwezig dat een hogere boete gerechtvaardigd is.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
