ECLI:NL:RBZWB:2019:2933
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 20-06-2019 · zaaknummer AWB - 18 _ 694
Inhoudsindicatie
Objectafbakening; artikel 16 Wet WOZ. De heffingsambtenaar heeft in de bezwaarfase geconstateerd dat er sprake was van een objectafbakeningsfout. De onroerende zaak is gesplitst in twee aparte objecten. De WOZ-beschikking/aanslag ozb waartegen bezwaar is gemaakt, is door de heffingsambtenaar verlaagd en voor het afgesplitste object is voor hetzelfde jaar een nieuwe WOZ-beschikking/aanslag ozb opgelegd. De rechtbank oordeelt op basis van de arresten van de Hoge Raad van 27 september 2002 (ECLI:NL:HR:2002:AE8146 en AD5341) dat objectafbakeningsfouten hersteld kunnen worden en dat de heffingsambtenaar het afgesplitste object door middel van een nieuwe beschikking en het opleggen van een nieuwe aanslag in de WOZ-waardebepaling en de belastingheffing voor hetzelfde kalenderjaar kan betrekken. De beroepen van belanghebbende op reformatio in peius, het vertrouwensbeginsel en/of het rechtszekerheidsbeginsel slagen niet.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
