ECLI:NL:RBZWB:2019:265
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 25-01-2019 · zaaknummer BRE - 17 _ 5163 t/m 17_5165
Inhoudsindicatie
Art. 3.111, eerste en vierde lid, Wet IB 2001 Belanghebbende was als diplomaat naar verschillende landen uitgezonden en heeft in die periode niet in Nederland gewoond. Er is sprake van een nieuw feit. De enkele omstandigheid dat belanghebbende niet ingeschreven stond in Nederland, maakt het niet onwaarschijnlijk dat hij een gezamenlijke huishouding voerde met zijn gezin in Nederland en de aangiften juist waren. De woning in Nederland kwalificeert niet als een eigen woning omdat het niet zijn hoofdverblijf was en niet aannemelijk is dat sprake is van een gezamenlijke huishouding. Het aandeel in de kosten van de eigen woning van de ex-echtgenote zijn niet aftrekbaar als onderhoudsverplichting omdat belanghebbende niet tot betaling verplicht was op basis van het echtscheidingsconvenant.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
