ECLI:NL:RBZWB:2018:7023
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 18-12-2018 · zaaknummer AWB 17_426
Inhoudsindicatie
Compenserende maatregelen AOW-hiaat burgerambtenaren Defensie. Onder verwijzing naar de uitspraak van de CRvB van 22 februari 2018 (ECLI:NL:CRVB:2018:526) leveren de onderscheidenlijke maatregelen geen direct onderscheid naar burgerlijke staat op en wordt hiermee geen excessieve inbreuk (meer) gemaakt op de gerechtvaardigde aanspraak, zodat ook van een ongeoorloofd onderscheid naar leeftijd geen sprake is. Met het inmiddels opgestelde inkomensoverzicht en de online rekentool zijn de individuele gevolgen voor eiser voldoende inzichtelijk gemaakt. Verzoek om schadevergoeding vanwege overschrijding van de redelijke termijn afgewezen. Bij rechtstreeks beroep bedraagt de redelijke termijn twee jaar onder verwijzing naar de uitspraak van de CRvB van 11 oktober 2018 (ECLI:NL:CRVB:2018:3129). Die termijn is niet overschreden. Pas met bestreden besluit II is een toereikende financiële voorziening aan eiser toegekend. Het gebrek wordt gepasseerd met artikel 6:22 van de Awb, nu aannemelijk is dat eiser door de nadere besluitvorming niet is benadeeld. Beroep ongegrond met veroordeling van de staatssecretaris in de proceskosten.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
de minister van Defensie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Defensie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
