ECLI:NL:RBZWB:2018:6620
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 28-11-2018 · zaaknummer AWB - 17 _ 3597
Inhoudsindicatie
Art. 10 Wet LB Belanghebbende is politieambtenaar. Hij heeft een aanvraag bij de korpschef ingediend. De aanvraag is in hoogste instantie door de Centrale Raad van Beroep afgewezen. Omdat sprake is van overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM is de korpschef veroordeeld tot een vergoeding van immateriële schade aan belanghebbende. De immateriëleschadevergoeding is uitbetaald onder inhouding van loonheffing. De rechtbank oordeelt dat dit niet terecht is. De immateriëleschadevergoeding is aan belanghebbende toegekend in diens hoedanigheid van procederende partij, en staat daarmee in te ver verwijderd verband tot de dienstbetrekking om als loon te worden aangemerkt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
