ECLI:NL:RBZWB:2018:4993
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 03-08-2018 · zaaknummer BRE - 17 _ 2407
Inhoudsindicatie
WOZ-beschikking; procesbelang; art. 22, 24, 26 en 28 Wet WOZ; art. 26a AWR; Belanghebbende heeft ter zake van een woning waarin hij en zijn ex-echtgenote voorheen samen woonden een eigen WOZ-beschikking voor het jaar 2016 aangevraagd en verkregen. De ex-echtgenote was eigenaar van de woning. Belanghebbende woonde in 2016 niet meer in de woning. De rechtbank is van oordeel dat de WOZ-beschikking ten onrechte is genomen ten aanzien van belanghebbende, nu hij op grond van de Wet WOZ niet kan worden aangemerkt als belanghebbende bij die beschikking. De rechtbank meent dat het ‘gesloten stelsel’ van de Wet WOZ meebrengt dat niet op deze fout mag worden voortgeborduurd. Belanghebbende heeft geen rechtens te honoreren procesbelang. Evenmin is sprake van een procesbelang op grond van art. 26a, lid 2 AWR. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
[verweerder]
verweerder · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
