ECLI:NL:RBZWB:2018:489
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 11-01-2018 · zaaknummer AWB - 16 _ 294
Inhoudsindicatie
Artikel 34 en artikel 49 van de Invorderingswet en artikel 8:42 van de Awb; inlenersaansprakelijkheid, Einduitspraak; Belanghebbende is als inlener aansprakelijk gesteld voor de door de uitlener(s) niet betaalde naheffingsaanslagen loonheffing (inlenersaansprakelijkheid). De rechtbank komt toe aan een inhoudelijke beoordeling van de naheffingsaanslagen, nu de daartegen gerichte grieven niet reeds aan de orde zijn geweest in de procedures die hebben geleid tot de onherroepelijke uitspraken van de rechtbank over de naheffingsaanslagen (artikel 49, zevende lid, IW). De rechtbank acht niet aannemelijk dat de naheffingsaanslagen tot te hoge bedragen aan de uitlener(s) zijn opgelegd; ook zijn de naheffingsaanslagen tijdig opgelegd. De aansprakelijkstellingen hebben terecht en tot de juiste bedragen plaatsgevonden; geen sprake van een handelen in strijd met enig beginsel van behoorlijk bestuur. Beroepen ongegrond. De late verstrekking van de op de zaak betrekking hebbende stukken leidt niet tot een schending van artikel 8:42 van de Awb, maar de rechtbank ziet daarin wel aanleiding voor een forfaitaire proceskostenveroordeling.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
