ECLI:NL:RBZWB:2018:1629
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 01-03-2018 · zaaknummer BRE - 16 _ 7758
Inhoudsindicatie
Art. 14, tweede lid, Wbr. Begrip woning. Belanghebbende heeft een perceel verworven waarin ten tijde van de verkrijging alleen nog de fundering aanwezig is van een daarvóór afgebrande langgevelboerderij. Volgens de rechtbank is de onroerende zaak niet aan te merken als een woning. Er is geen sprake van een bouwwerk dat naar zijn aard bestemd is voor bewoning. Evenmin kan van een woning in aanbouw worden gesproken. De fundering is het restant van de oude woning; er was nog geen sprake van nieuwbouw ten tijde van de verkrijging. De rechtbank verwerpt ook de subsidiaire stelling dat het verdragsrechtelijke discriminatieverbod is geschonden. Met de afbakening van het begrip woning heeft de wetgever de hem toekomende ruime beoordelingsvrijheid niet overschreden. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
