ECLI:NL:RBZWB:2016:5086
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 16-08-2016 · zaaknummer AWB - 15 _ 7131
Inhoudsindicatie
Inkomstenbelasting artikel 4.6, aanhef en letter b en artikel 3.92 Wet IB 2001 / belanghebbende had recht op aandelen en daarmee een aanmerkelijk belang. (15/7131) De rechtbank oordeelt dat belanghebbende – ondanks dat hierover bijzonder weinig op schrift is gesteld – recht had op een dusdanige hoeveelheid aandelen dat hij een aanmerkelijk belang had in een BV. Het verlies op de door hem aan die BV verstrekte lening van € 194.000 is als resultaat uit overige werkzaamheden aftrekbaar omdat geen sprake is van een onzakelijke lening. De rechtbank acht de onzakelijkeleningjurisprudentie ook van toepassing in de situatie dat sprake is van toekomstig aandeelhouderschap. Nu belanghebbende echter ten tijde van het verstrekken van de lening nog geen aandeelhouder was is geen sprake van een onzakelijke lening (vgl. BNB 2014/98). Een uitzonderingssituatie doet zich niet voor nu niet alle aandeelhouders, min of meer in verhouding tot hun aandelenbelang, leningen aan de BV hebben verstrekt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
