ECLI:NL:RBZWB:2016:1975
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 04-03-2016 · zaaknummer BRE - 14 _ 5487
Inhoudsindicatie
Blh verkoopt een bedrijfspand vrij van huur aan de bank in het kader van het verkrijgen van een financiering. Tussen de bank en de (reeds zittende) huurder van het pand wordt een nieuwe huurovereenkomst gesloten. Blh krijgt de mogelijkheid het pand op een later moment in verhuurde staat terug te kopen. Bij de terugkoop is overdrachtsbelasting voldaan. Blh is van mening dat deze verkrijging vrijgesteld zou moeten worden. De rechtbank is van oordeel dat partijen in dit geval een koopoptie en geen ontbindende voorwaarde als bedoeld in artikel 19 van de Wet BRV zijn overeengekomen. Voorts is de rechtbank van oordeel dat geen sprake is van feitelijk en rechtens herstel in de toestand van vóór de verkrijging. Het beroep van blh op het vertrouwensbeginsel faalt nu in de situatie waar blh een beroep op doet geen sprake was van een tripartite overeenkomst en in het onderhavige geval wel.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
[verweerder]
verweerder · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
