ECLI:NL:RBZWB:2015:7411
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 29-10-2015 · zaaknummer 4342569
Inhoudsindicatie
Het onderhavige beroep is zowel bij de officier van justitie als bij de kantonrechter te laat ingesteld. De curator van betrokkene heeft ter zitting verklaard dat betrokkene als gevolg van een ongeval een geestelijke beperking heeft. Betrokkene is op grond van zijn geestelijke toestand in 1996 onder curatele gesteld. De zus van betrokkene is benoemd als curator en is verantwoordelijk voor zijn administratie en financiën. Curator heeft ter zitting verklaard dat zij de post van betrokkene ontvangt, maar dat zo nu en dan toch poststukken bij betrokkene terecht komen. In 2014 werd curator geconfronteerd met een beslag op de AOW-uitkering van betrokkene. Na doorzoeking van de woning van betrokkene heeft curator de brieven van het CJIB gevonden. Het CJIB heeft alle brieven naar het adres van betrokkene verzonden en betrokkene heeft deze al die tijd voor curator verstopt. Na doorvragen werd voor curator duidelijk dat iemand een bromfiets op naam van betrokkene heeft gezet. Curator heeft meteen actie ondernomen om de situatie op te lossen. In december 2014 trof curator weer een brief van het deurwaarderskantoor aan in de woning van betrokkene. Curator heeft toen meteen de gemachtigde ingeschakeld. Dit was in december 2014. Vervolgens zijn er twee soortgelijke sancties door de officier van justitie op nihil gesteld. In onderhavige zaak is de brief van gemachtigde aangemerkt als een beroep bij de kantonrechter. Na enig onderzoek trof gemachtigde een handgeschreven brief in het dossier aan. Deze is aangemerkt als een beroep bij de officier van justitie. Curator en gemachtigde herkennen de handgeschreven brief niet. Volgens de curator kan betrokkene deze brief niet geschreven hebben. Gemachtigde stelt zich op het standpunt dat de termijnoverschrijdingen niet aan betrokkene en zijn curator te wijten zijn en verzoekt de kantonrechter om de termijnoverschrijding bij de kantonrechter en de officier van justitie verschoonbaar te achten. De kantonrechter is van oordeel dat de termijnoverschrijding bij de kantonrechter, op grond van de bijzondere omstandigheden van het geval, verschoonbaar is. De kantonrechter overweegt dat betrokkene in 1996 onder curatele is gesteld en dat hij door zijn geestelijke toestand niet in staat is om zijn belangen te behartigen. De kantonrechter is daarbij van oordeel dat de curator en de gemachtigde voldoende aannemelijk hebben gemaakt dat de termijnoverschrijding bij de officier van justitie eveneens verschoonbaar is. De officier van justitie heeft het beroep derhalve ten onrechte niet ontvankelijk verklaard. Dit wil zeggen dat de kantonrechter toekomt aan een inhoudelijke beoordeling van de zaak. Inhoudelijk komt de kantonrechter -gelet op de bijzondere omstandigheden- tot een matiging van de sanctie.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
