ECLI:NL:RBZWB:2014:150
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 17-01-2014 · zaaknummer AWB-11_3717
Inhoudsindicatie
Een Nederlandse verzekeringsmaatschappij heeft een dochtermaatschappij (captive) opgericht in Zwitserland en liet haar herverzekeringen daarna via die captive lopen. De inspecteur corrigeerde de aan de captive betaalde premies. Een door de rechtbank ingeschakelde deskundige oordeelde dat tussen onafhankelijke derden niet onder dezelfde voorwaarden zou zijn gehandeld. De rechtbank neemt dat oordeel over en bepaalt de winst van belanghebbende alsof de afwijkende voorwaarden niet zouden zijn overeengekomen (artikel 8b, 1e lid, Wet Vpb). Aftrekbaar zijn de feitelijke kosten van de captive plus een rendement op in de captive geïnvesteerd vermogen (inclusief informeel kapitaal) van 7,5%. De rechtbank oordeelt voorts dat belanghebbende met het opzetten van deze structuur verwijtbaar belasting heeft ontgaan in Nederland. Boete € 125.000 per jaar.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
