ECLI:NL:RBZWB:2013:8923
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 29-05-2013 · zaaknummer 246276 / 12-2401
Inhoudsindicatie
Omvang gezag van gewijsde, art. 128, lid 3 Rv, rechtsverlies, aansprakelijkheid opzegging opdracht, uitleg art. 7:411 BW. Het eindvonnis in de eerdere zaak tussen partijen wordt zo uitgelegd dat de beslissing over de inhoud van de opdracht wel gezag van gewijsde heeft, maar niet de beslissing over de aansprakelijkheid voor de voortijdige opzegging van de opdracht. Een nieuw argument van garantie wordt niet behandeld vanwege het voorschrift van concentratie van verweer. Een verweer tegen de hoogte van de facturen van opdrachtnemer is in dit stadium niet meer aanvaardbaar. De opdracht gold totdat de procedures tegen de fiscus zouden zijn afgerond. Daarom mocht opdrachtnemer alleen wegens gewichtige redenen opzeggen. Deze waren niet aanwezig. De uitleg dat de opdrachtnemer ex art.7:411 lid 2 BW geen loon toekomt berust op een verkeerde lezing van de regeling van art. 7:411 BW. Deze regeling is bovendien niet van toepassing.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
