ECLI:NL:RBZUT:2012:BX8906
Rechtbank Zutphen · 26-09-2012 · zaaknummer 12/767 en 12/819 WABOA
Inhoudsindicatie
Het project waarvoor vergunning is verleend ziet op de aanleg van – kort gezegd – een trapveld met een aantal voorzieningen in de nabijheid van de woningen van eisers. Eisers ondervinden overlast van het trapveld. Met verweerder stelt de rechtbank vast dat het trapveld op één punt in strijd is met het bestemmingsplan, te weten wat betreft de hoogte van de ballenvangers/hekwerken. Die hebben een hoogte van 5,04 meter en overschrijden dus de toegestane hoogte van 2 meter. In verband hiermee heeft verweerder de omgevingsvergunning verleend op de voet van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1º, van de Wabo met toepassing van de hem in artikel 5, derde lid, van de planvoorschriften toegekende bevoegdheid. De rechtbank oordeelt dat nu voldaan is aan de in deze bepaling opgenomen voorwaarden, verweerder gebruik kon maken van de hem met artikel 5, derde lid, van de planvoorschriften geboden mogelijkheid. Er is voorts geen grond voor het oordeel dat verweerder niet in redelijkheid van die bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken. De conclusie is dat verweerder op goede gronden is overgegaan tot verlening van de gevraagde omgevingsvergunning.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
