Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBZUT:2012:BV1939

Rechtbank Zutphen · 25-01-2012 · zaaknummer 06-940123-11

StrafrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

De rechtbank veroordeelt een 62-jarige vrouw uit Aalten voor wapenbezit tot een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar. De rechtbank geeft haar geen straf voor het schieten op het slachtoffer omdat er sprake is van noodweerexces. Het slachtoffer is door de schoten niet gewond geraakt. Verdachte, een 62-jarige vrouw uit Aalten, liep naar huis na een bezoek aan een café, toen zij werd zij aangevallen door het slachtoffer. Hij gooide haar op de grond, trok haar weer omhoog en gooide haar opnieuw op de grond, waarbij zij met haar hoofd op de tegels terecht kwam. Verdachte heeft vervolgens (tenminste) twee keer op het slachtoffer geschoten met de revolver die zij in haar handtas had. Het slachtoffer is hierdoor niet gewond geraakt. Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) heeft de revolver en de munitie onderzocht en vastgesteld dat de kogels (verschoten vanaf 2,1 meter), tussen de 1,2 en 6 centimeter kunnen doordringen in een menselijk lichaam. De rechtbank concludeert hieruit dat daarmee zwaar lichamelijk letsel kan worden toegebracht. Verdachte heeft aangevoerd dat zij dacht dat het om een afweerpistool ging dat alleen lawaai maakte. De rechtbank vindt dat niet aannemelijk geworden. Verdachte heeft verder verklaard dat zij uit zelfverdediging op het slachtoffer heeft geschoten. De rechtbank is van oordeel dat verdachte zich inderdaad mocht verdedigen tegen de onmiddellijke en wederrechtelijke aanranding van haar lijf, maar dat zij nog andere mogelijkheden had om zich te verdedigen. Zo had ze bijvoorbeeld met het wapen kunnen slaan, of een waarschuwingsschot kunnen lossen. Met het gericht schieten heeft verdachte dan ook een te zwaar middel gekozen voor haar verdediging. De rechtbank verwerpt daarom het beroep op noodweer. Wel is er naar het oordeel van de rechtbank sprake van een zogenaamd noodweerexces. Het is aannemelijk geworden dat verdachte door de aanval van het slachtoffer angstig is geworden en dat (dus) sprake was van een ‘hevige gemoedsbeweging’, waardoor zij ervoor gekozen heeft om op het slachtoffer te schieten. Om die reden kan haar niet worden verweten dat zij voor dat (te zware) verdedigingsmiddel heeft gekozen. Voor dit feit wordt verdachte dan ook ontslagen van alle rechtsvervolging. Verdachte had, behalve de revolver waarmee zij op het slachtoffer heeft geschoten, ook een geladen hagelpistool bij zich op de desbetreffende avond. Verder zijn er bij de doorzoeking van haar woning diverse andere wapens aangetroffen (onder meer nepvuurwapens, een stroomstootwapen en peperspray). De rechtbank onttrekt al deze wapens aan het verkeer en veroordeelt verdachte voor het bezit ervan tot een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.

Rechters

In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.

Partijen

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.