Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBZUT:2011:BR4854

Rechtbank Zutphen · 27-07-2011 · zaaknummer 121175 BZ RK 11-99

Civiel recht; Personen- en familierechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verzoek tot schadevergoeding gericht tegen de staat en de (forensisch psychiatrische) stichting waar betrokkene opgenomen is geweest. 1. Het verzoek tegen de staat. Volgens betrokkene had de officier van justitie nader onderzoek moeten verrichten aan de hand van de overgelegde geneeskundige verklaring en maakt het oordeel van de rechtbank om de inbewaringstelling niet te verlengen dat bij opname ook geen sprake was van onmiddellijk dreigend gevaar. De rechtbank oordeelt dat het niet de taak van de officier is het waarheidsgehalte van een geneeskundige verklaring inhoudelijk te onderzoeken. Daarbij dwingt de Wet BOPZ de officier van justitie tot een snelle beslissing. Voorts overweegt de rechtbank dat uit de beschikking (afwijzing voortzetting inbewaringsstelling) moet worden afgeleid dat er op het moment van de zitting geen onmiddellijk dreigend gevaar meer was. Hieruit kan niet worden afgeleid dat er ook geen sprake was van onmiddellijk dreigend gevaar bij de opname en op het moment dat de officier van justitie het verzoek indiende. 2. Het verzoek tegen de stichting. Betrokkene is opgenomen geweest in een forensisch psychiatrisch centrum , een instelling waar BOPZ patiënten en TBS patiënten verblijven. De rechtbank oordeelt dat het niet de bedoeling van de wetgever kan zijn geweest dat een betrokkene als gevolg van een plaatsing op basis van een Bopz-machtiging in een inrichting die (tevens) aangemerkt wordt als een forensisch psychiatrische kliniek onder het regiem van de Beginselenwet TBS valt en niet onder de bescherming van de Wet Bopz. Derhalve past de rechtbank de Wet Bopz toe op dit verzoek. Door betrokkene is eerst na indiening van het verzoek om schadevergoeding een klacht ingediend. De klacht die betrokkene bij de stichting heeft ingediend is aldaar behandeld conform de vereisten zoals vermeld in de Beginselenwet; er is nog niet beslist op deze klacht. Omdat de daadwerkelijke mogelijkheid voor het indienen van een klacht op grond van artikel 41 Wet Bopz bij de stichting ontbreekt, werpt de rechtbank betrokkene niet tegen dat hij niet eerst de klachtregeling heeft gevolgd en staat direct beroep open bij de rechtbank. Artikelen: 35, 41, 41a, 41b Wet Bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen

Rechters

In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.

Advocaten

  • E.A.C. Sandberg

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.