ECLI:NL:RBZUT:2007:BB4064
Rechtbank Zutphen · 21-09-2007 · zaaknummer 06/800328-07
Inhoudsindicatie
T.a.v. het door de raadsman gevoerde preliminair verweer tot nietigheid van de dagvaarding beslist de rechtbank dat de dagvaarding wat betreft het onder feit 1 primair en feit 2 primair ten laste gelegde nietig zal worden verklaard. T.a.v. het onder feit 1 subsidiair en feit 2 subsidiair ten laste gelegde is de rechtbank van oordeel dat deze voldoende feitelijk zijn omschreven en het de verdachte voldoende duidelijk is wat hem wordt verweten. De rechtbank spreekt de verdachte vrij van het onder feit 2 subsidiair ten laste gelegde en veroordeelt de verdachte voor het onder feit 1 subsidiair (uitlokking van mishandeling) ten laste gelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 maand voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren, en een werkstraf voor de duur van 40 uren, subsidiair 20 dagen hechtenis.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
