Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBZUT:2004:AQ5702

Rechtbank Zutphen · 28-07-2004 · zaaknummer 54442 HAZA 03-453

Civiel rechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

art. 6:235 lid 1 BW, uitzondering op 6:233 BW en ART. 6:233 aanhef onder a BW,onredelijk bezwarend zijn van een beding in Algemene Voorwaarden. Voor de beoordeling van de vraag, of op grond van artikel 6:235 lid 1 BW een beroep gedaan kan worden op de vernietigbaarheid van een beding in de ten deze toepasselijke Algemene Voorwaarden, dient allereerst duidelijk te zijn of gedaagde, op de datum van de in december 2000 aangegane overeenkomst, haar laatstelijk vastgestelde jaarrekening openbaar heeft gemaakt of dat ten aanzien van die jaarrekening ten opzichte van gedaagde artikel 2:403 lid 1 BW is toegepast. Het gaat dus over de jaarrekening van 1999 of nog eerder. Als dit niet het geval is dient, voor genoemde beoordeling, te worden nagegaan of er in december 2000 vijftig of meer personen werkzaam waren. Het litigieuze beding in de Algemene Voorwaarden, waarbij elke opschorting en verrekening van de betalingsverplichting wordt uitgesloten, maakt deel uit van de Algemene Voorwaarden die zijn uitgegeven door de ondernemersorganisatie in de metaal-, kunststof-, en technieksector en worden in die sector algemeen gehanteerd door ondernemingen. Voorts is het van algemene bekendheid dat het beding gehanteerd wordt ter bevordering van het handelsverkeer, in verband met het feit dat leveranciers op die manier hun leveranties gemakkelijker kunnen voorfinancieren door de grotere kans op snelle betaling door de afnemers. Het beding leidt er immers toe dat na de levering steeds betaald dient te worden door de afnemer. Maar het sluit niet uit dat de afnemer, die reclameert over de prestatie, alsnog nakoming dan wel schadevergoeding kan verkrijgen. Zelfs in geval van een faillissement is dat in zijn algemeenheid niet uitgesloten. Bovendien is er in veel gevallen ook nog de mogelijkheid om de overeenkomst gedeeltelijk (buiten)gerechtelijk te ontbinden wegens onvoldoende nakoming, waardoor de (gedeeltelijke) tegenprestatie vervalt. Het is daarom niet zo dat het opschortings-, en verrekeningsrecht fundamenteel en absoluut is vereist om algehele prestatie dan wel schadevergoeding te kunnen verkrijgen. Dat het thans, door het faillissement, tamelijk illusoir lijkt om nog nakoming te verkrijgen, is voor de onderhavige beoordeling niet van belang, aangezien het slechts de vraag is of het beding ten tijde van het sluiten van de overeenkomst onredelijk bezwarend was. Elk faillissement zal in zijn algemeenheid leiden tot benadeling van de handelspartners van het failliete bedrijf, die nog iets te vorderen hebben van dat bedrijf. Gelet op bovenstaande omstandigheden met betrekking tot de aard en de overige inhoud van de overeenkomst tussen partijen en de inhoud en de gevolgen van het litigieuze beding in de Algemene Voorwaarden, en mede in aanmerking genomen de reguliere wijze waarop de overeenkomst tot stand is gekomen, acht de rechtbank dat beding, ten tijde van het aangaan van de overeenkomst, niet onredelijk bezwarend.

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • KANTAL PROJECTEN BV

    eiser · bedrijf

  • [gedaagde]

    gedaagde · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.