ECLI:NL:RBUTR:2012:BY4199
Rechtbank Utrecht · 26-11-2012 · zaaknummer 16-070245-97
Inhoudsindicatie
De rechtbank wijst de vordering tot verlenging van de tbs af. De rechtbank overweegt dat in deze zaak de bewezenverklaring, kwalificatie of strafmotivering niet zonder meer uitsluitsel geven over de vraag of er sprake is van een ‘geweldsdelict’. De indexdelicten waren niet gericht tegen en hebben niet zozeer gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen, maar hebben eerder de angst veroorzaakt bij de slachtoffers dat er sprake zou zijn van een inbreuk op of gevaar voor de onaantastbaarheid van hun lichaam. Er was immers slechts sprake van dreigen en er was geen sprake van een echt pistool. De rechtbank zou slechts door middel van interpretatie van de uitspraak van de opleggende rechter tot het oordeel kunnen komen dat er sprake is van delicten die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam. De rechtbank heeft rekening gehouden met de recente beslissing van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) van 31 juli 2012 nr. 21203/10 (Van der Velden tegen Nederland).
Rechters
Advocaten
- A.M. Besselink
- M. Philippi
- O.O. van der Lee
- W.H.R. Hogewind
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
