ECLI:NL:RBUTR:2012:BV3724
Rechtbank Utrecht · 13-02-2012 · zaaknummer 16-710360-11
Inhoudsindicatie
Dat verdachte de afpersing in de periode van 1 oktober 2010 tot en met 31 oktober 2010, zoals aan hem onder punt 5 op de tenlastelegging ten laste is gelegd, heeft begaan blijkt uit de in het vonnis d.d. 13 februari 2012 genoemde bewijsmiddelen. De rechtbank stelt het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op € 7.500,00.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
