ECLI:NL:RBUTR:2011:BR0802
Rechtbank Utrecht · 13-07-2011 · zaaknummer 705837 UC EXPL 10-12120
Inhoudsindicatie
Vanwege de afschaffing van de fiscale faciliëring van vervroegde pensionering van werknemers wijzigt werkgever zijn pensioenregeling door de pensioenleeftijd te verhogen van 60 naar 65 jaar. Werknemer gaat daarna op 57-jarige leeftijd met pensioen en vordert vergoeding van de door hem geleden pensioenschade, stellende dat voor hem de oude pensioenregeling is blijven gelden. De kantonrechter verwerpt het verweer van werkgever dat werknemer met de wijziging welbewust heeft ingestemd. Ook is, anders dan werkgever meent, geen sprake van een eenzijdig wijzigingsbeding. Wèl wordt het beroep van werkgever op artikel 7:611 BW, en de daarvan in het arrest van de Hoge Raad van 11 juli 2008, BD1847, NJ 2011, 185 gegeven uitwerking, gehonoreerd. De keuze van werknemer op reeds ruim vóór zijn 60e vervroegd met vervroegd pensioen te gaan, komt voor zijn rekening.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
