ECLI:NL:RBUTR:2011:BP1904
Rechtbank Utrecht · 19-01-2011 · zaaknummer 296974 / HA ZA 10-2494
Inhoudsindicatie
Door de inwerkingtreding van de vierde tranche van de Algemene wet bestuursrecht is de taak van de civiele rechter bij beoordeling van dwangbevelen van bestuursorganen (voor zover deze betrekking hebben op overtredingen die hebben plaatsgevonden na 1 juli 2009 (zoals in casu)) beperkt tot een beoordeling van de executie op de voet van artikel 438 en 438a Rv. Een buitenwerkingstelling van een dwangbevel, zoals eiseres heeft gevorderd, behoort niet tot de bevoegdheden van de civiele rechter als executierechter. Wel is het mogelijk een verbod op de executie van een dwangbevel te vorderen. De rechtbank zal onder de gevorderde buitenwerkingstelling tevens, als het mindere, een verbod op executie van het dwangbevel begrijpen en de vordering, die haar niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt, in die zin toewijzen.
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
