ECLI:NL:RBUTR:2010:BO3680
Rechtbank Utrecht · 10-11-2010 · zaaknummer 285372 / HA ZA 10-920
Inhoudsindicatie
Verjaring (voormalige) faillissementsvordering. 1. Ter verificatie ingediende vordering is slechts op voet van art. 3:316 lid 1 BW gestuit indien binnen zes maanden na het in kracht van gewijsde gaan van de beschikking tot opheffing van het faillissement wegens de toestand van de boedel, een nieuwe eis is ingesteld (die tot toewijzing leidt) (art. 3:316 lid 2 BW). Dit is in het onderhavige geval niet gebeurd. 2. Aanmaningsbrief betreffende een faillissementsschuld is niet een "verklaring betreffende de boedel" in de zin van art. 99 lid 2 Fw. 3. Faillissementscurator is niet bevoegd tot vertegenwoordiging van de gefailleerde tot ontvangst van een aanmaning/stuiting betreffende een faillissementsschuld; een postblokkade ex art. 99 lid 1 Fw maakt dat niet anders. De aanmaningsbrief is destijds via de postblokkade bij de faillissementscurator bezorgd, en heeft gedaagde/toen gefailleerde niet bereikt. De verjaring is niet tijdig gestuit.
Rechters
Advocaten
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
