ECLI:NL:RBUTR:2010:BN3817
Rechtbank Utrecht · 24-06-2010 · zaaknummer 289184
Inhoudsindicatie
Tenuitvoerlegging vervangende hechtenis in kader van opgelegde schadevergoedingsmaartegelen ex art. 36f Sr is reeds aangevangen. Eiser vordert onmiddellijke invrijheidstelling en veroordeling van de Staat tot instemming met de door hem verzochte betalingsregeling. Eiser legt aan zijn vordering ten grondslag dat het CJIB de door hem verzochte betalingsregeling had moeten honoreren, omdat sprake was van een bijzondere omstandigheid en binnen afzienbare tijd het totale bedrag zou kunnen worden voldaan. De vordering tot onmiddellijke invrijheidstelling vervangende hechtenis wordt, evenals de overige vorderingen, afgewezen, omdat niet is gebleken dat het CJIB in strijd met de "Aanwijzing executie (vervangende) vrijheidsstraffen, taakstraffen van meerderjarigen, geldboetes, schadevergoedings- en ontnemingsmaatregelen, Europese geldelijke sancties en toepasing voorwaardelijke invrijheidstelling" (Staatscourant 2008, 118) of anderszins onrechtmatig heeft gehandeld.
Rechters
Advocaten
- E.C. Gijselaar
- F.A. Weijzen
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
