ECLI:NL:RBUTR:2010:BN0293
Rechtbank Utrecht · 30-06-2010 · zaaknummer 262703 / HA ZA 09-434
Inhoudsindicatie
Eiser sub 1 en gedaagde zijn broers en mede-eigenaar van een registergoed. Hun ouders (eisers sub 2 en 3) zijn mede-eigenaar van een aangrenzend perceel grasland. Eiser sub 1 woont met de ouders in het woonhuis dat eigendom van eiser sub 1 en gedaagde is. Partijen vragen verdeling van de gemeenschappelijke eigendom. De ouders worden niet ontvankelijk verklaard. De eigendom wordt - mede gelet op de omstandigheid dat deze is gekocht om de ouders daar van hun oude dag te laten genieten - toebedeeld aan eiser sub 1. De rechtbank passeert op grond van art. 3:166 lid 2 BW de stelling van eiser sub 1 dat gedaagde slechts recht heeft op vergoeding naar rato van zijn inbreng bij de aankoop van de eigendom. Partijen krijgen de gelegenheid bij akte eensluidend een taxateur voor te dragen die de huidige waarde van de eigendom zal vaststellen. De eisen van redelijkheid en billijkheid brengen echter mee dat gedaagde gehouden is de helft van het verschil tussen zijn inbreng en die van eiser sub 1 aan laatstgenoemde te vergoeden. Volgens eiser sub 1 is gedaagde gehouden in evenredigheid bij te dragen in de door hem gemaakte kosten voor de eigendom. Omdat niet gebleken is van een (stilzwijgende) beheersregeling tussen beide broers, wordt deze vordering ingevolge art. 3:172 BW afgewezen. Mocht evenwel blijken dat deze kosten hebben geleid tot een meerwaarde van de eigendom, dan brengen de eisen van redelijkheid en billijkheid mee dat deze meerwaarde ten goede komt van eiser sub 1. Partijen dienen op dit punt een akte te nemen alsmede over de hoogte van de huidige hypotheekschuld en de maandelijkse hypotheekverplichtingen. Vorderingen in conventie en in reconventie tot betaling van een gebruiksvergoeding voor de eigendom en de gemeenschappelijke tractor en dieselolietank worden afgewezen. Reconventionele vordering tot het afleggen van rekening en verantwoording wordt eveneens afgewezen bij gebreke van een beheersregeling. Eiser sub 1 is gehouden de helft van de met de eigendom gegenereerde huuropbrengsten aan gedaagde te voldoen. De in reconventie gevorderde verklaring voor recht dat alle kosten verband houdende met de oprichting van illegale bouwwerken voor rekening van eiser sub 1 komen, wordt toegewezen. Proceskosten zullen worden gecompenseerd.
Rechters
Advocaten
- A. Smeekes
- L.J.F.H. Walstock
- L.P. Quist
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
