ECLI:NL:RBUTR:2009:BI9744
Rechtbank Utrecht · 19-06-2009 · zaaknummer SBR 09/1148 en SBR 09/1149
Inhoudsindicatie
De zaak ging over een aan eiser opgelegde last onder dwangsom. Eiser werd gelast om de op zijn perceel (zonder aanlegvergunning) aangelegde klinkerverharding te verwijderen. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Soest was bevoegd om handhavend op te treden. Slechts onder bijzondere omstandigheden mag van het bestuursorgaan worden gevergd dit niet te doen. Het college wilde de overtreding niet legaliseren in verband met de landschappelijke, cultuur-historische en/of natuurwetenschappelijke waarden van de gronden. Eiser deed een beroep op het gelijkheidsbeginsel. Naar zijn mening vinden er op verschillende percelen aan de [adres] overtredingen (autobedrijf, opslag van autobanden) plaats die een grotere impact hebben op de natuurwetenschappelijk waarden dan de enkele klinkerverharding op zijn perceel. De rechter gaat hier niet in mee. Het college kon goed motiveren waarom geen sprake was van gelijke gevallen. De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder in redelijkheid gebruik heeft kunnen maken van zijn bevoegdheid tot handhavend optreden tegen de klinkerverharding. Het verzoek is afgewezen en het beroep ongegrond verklaard.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
