ECLI:NL:RBUTR:2006:AV7579
Rechtbank Utrecht · 29-03-2006 · zaaknummer 16/510838-05
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich op 27 juni 2005 schuldig gemaakt aan een laffe diefstal. Hij zocht zijn bijna 81-jarige slachtoffer met zorg en geruime tijd tevoren uit. Verdachte wist zich door middel van een babbeltruc toegang te verschaffen tot de woning van het slachtoffer. Na vertrek van verdachte uit de woning bleek vervolgens dat er geld, sieraden en andere goederen waren verdwenen. Met de weggenomen bankpas heeft verdachte daarop getracht uit een bankautomaat een geldbedrag van de rekening van het slachtoffer af te halen. Op 2 juli 2005 is verdachte opnieuw naar hetzelfde slachtoffer gegaan. Verdachte moet daar van te voren over nagedacht hebben en is ook tot uitvoering van zijn plan overgegaan. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verdachte op geraffineerde wijze die dag 'het geld dat het goudmannetje zou hebben' willen vinden en wegnemen. Ditmaal deinsde hij er niet voor terug geweld te gebruiken. Het bejaarde slachtoffer is meerdere keren zeer hard op zijn hoofd geslagen, ook toen het slachtoffer op de grond was terechtgekomen. De voeten van het slachtoffer zijn met tie-wraps vastgebonden. Hij liet het slachtoffer in hulpeloze toestand achter, zonder in de daaropvolgende tijd de hulpdiensten te alarmeren of anderszins te bewerkstelligen dat hulp zou worden verleend aan het slachtoffer. Vrijspraak art. 288 Sr. Bewezen poging tot doodslag en diefstal.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
