ECLI:NL:RBUTR:2003:AH8915
Rechtbank Utrecht · 01-07-2003 · zaaknummer 16/350256-03
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich in de periode van 1 oktober 2002 tot en met 10 maart 2003 samen met anderen meermalen schuldig gemaakt aan de uitvoer van een grote hoeveelheid cocaïne. Verdachte heeft verklaard dat hij XTC-pillen buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht en aanwezig heeft gehad. Uit de stukken blijkt echter niet dat deze pillen de stoffen MDMA en/of MDEA bevatten als vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
