Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBUTR:2000:AB0568

Rechtbank Utrecht · 22-12-2000 · zaaknummer SBR 00/2007 VV

BestuursrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verzoekster is een stichting die zich bezighoudt met de bevordering van de belangstelling voor en participatie in de literatuur bij de allochtone bevolking en de bevordering van de belangstelling voor de literaire werken van zwarte auteurs bij de autochtone bevolking, teneinde aldus een bijdrage te leveren aan het vergroten van de culturele diversiteit binnen de literatuur. Verzoekster organiseert hiertoe jaarlijks het internationale Multi Etnisch Podium (MEP)-festival, Mini-MEP-middagen en het Mini-MEP-festival voor kinderen tussen 6 en 12 jaar. Aan verzoekster is voor de periode 1997-2000 een meerjarige instellingssubsidie verleend ten behoeve van die activiteiten. Verzoekster heeft in december 1999 een aanvraag ingediend voor een meerjarige instellingssubsidie in het kader van de Cultuurnota 2001-2004 voor de periode 2001-2004. Deze aanvraag is afgewezen. Verweerder mag niet zonder meer afgaan op oordeel Raad voor Cultuur over financiële positie van de subsidie-aanvrager. Aanvraag van de Stichting Multiculturele Activiteiten Utrecht (verzoekster) om een meerjarige instellingssubsidie in het kader van de Cultuurnota 2001-2004 niet gehonoreerd, omdat verzoekster bij het ontbreken van een sluitend dekkingsplan voor de komende vier jaar een stabiele financiële basis mist. Verweerder heeft zijn besluit gebaseerd op het negatieve advies van de Raad voor Cultuur. De Pres. acht het op zich alleszins aanvaardbaar dat verweerder bij zijn oordeelsvorming over aanvragen om subsidie in verband met cultuuruitingen in beginsel afgaat op het oordeel van de Raad voor Cultuur m.b.t. de artistiek-inhoudelijke kwaliteit. Het door verweerder ingevolge art. 3:9 Awb te verrichten onderzoek naar de totstandkoming van het advies kan, gelet op de expertise van de Raad, zeer marginaal zijn. T.a.v. een advies dat is gebaseerd op een oordeel van de Raad over de financiële bedrijfsvoering van een instelling zal verweerders onderzoeksplicht evenwel veel verder moeten gaan, nu - althans in het kader van de onderhavige procedure - onvoldoende aannemelijk wordt geacht dat de Raad voor Cultuur op het financiële vlak een zodanige expertise bezit dat verweerder hier zonder meer op af mag gaan. Het belang van een onderzoek van de zijde van verweerder weegt in dit geval des te zwaarder, nu de Raad voor Cultuur, ondanks een verzoek daartoe, door verweerder niet op de hoogte is gesteld van alle, in zijn ogen relevante, informatie over verzoeksters financiële positie. Dat verweerder zich een eigen oordeel heeft gevormd over die financiële positie van verzoekster, is o.g.v. de voorhanden zijnde stukken en het verhandelde ter zitting niet gebleken.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.