Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBUTR:2000:AA7927

Rechtbank Utrecht · 31-08-2000 · zaaknummer SBR 1999/529

Bestuursrecht; Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Uit artikel 16 van de WW vloeit ook voort dat de eerste dag van werkloosheid niet hoeft samen te vallen met de datum waarop de dienstbetrekking is geëindigd. Dienstbetrekking van eiseres, na verkregen toestemming van de Regionaal Directeur voor de Arbeidsvoorziening Midden-Nederland, met ingang van 23 januari 1998 geëindigd. Eiseres heeft evenwel sedert 1 februari 1997 geen arbeid meer verricht, aangezien haar werkgever haar sedert die datum niet heeft opgeroepen om werkzaamheden te verrichten. De rechtbank stelt vast dat eiseres werkgever daartoe ook niet gehouden was, nu blijkens punt 6 van de van toepassing zijnde oproepovereenkomst tussen eiseres en haar werkgever laatstgenoemde niet verplicht was eiseres op te roepen c.q. eiseres werk te verschaffen. Uit vorenstaande vloeit voort dat op eiseres werkgever vanaf het moment dat eiseres geen werkzaamheden meer heeft verricht, te weten februari 1997, ook niet de verplichting rustte het loon van eiseres onverminderd door te betalen. Voor de bepaling van de eerste werkloosheidsdag van eiseres moet, gelet op vorenstaande, dan ook worden geconcludeerd dat eiseres op 1 februari 1997 in ieder geval aan twee van de in artikel 16 van de WW genoemde voorwaarden voor het intreden van werkloosheid heeft voldaan, te weten het intreden van een relevant arbeidsurenverlies en het verlies van het recht op onverminderde betaling van loon. Het door verweerder in de brief van 7 juni 2000 neergelegde standpunt dat de eerste dag van werkloosheid is bepaald op 26 januari 1998 aangezien op 23 januari 1998 haar dienstbetrekking is geëindigd moet onjuist worden geacht. Beroep gegrond. Landelijk instituut sociale verzekeringen, verweerder. mr. J.J.H. van Meegen

Advocaten

  • E.B. Knollema
  • L.P.H. Zwijnenberg

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.