ECLI:NL:RBSHE:2001:AB2048
Rechtbank 's-Hertogenbosch · 26-04-2001 · zaaknummer AWB 00/3709 WOB
Inhoudsindicatie
1. Awb: Een geslaagd beroep op beperking van de kennisneming met toepassing van art. 8:29 Awb sluit toepassing van art. 8:32 Awb uit. 2. Art. 6 EVRM inroepen in asiel-procedure en niet in Wob-procedure terzake van weigering openbaarmaking BVD-stukken betreffende het asielverzoek. Awb: Afwijzing verzoek om kennisname van stukken die (mede) ten grondslag hebben gelegen aan de uitkomsten van onderzoek van de BVD in verband met eisers aanvraag om toelating als vluchteling. Ter beoordeling van de juistheid van de aan het bestreden besluit ten grondslag gelegde motivering heeft de Rb. met toepassing van art. 8:29 Awb kennisgenomen van de stukken waarvan eiser de openbaarmaking verlangt. Eiser kan niet worden gevolgd in zijn betoog dat de Rb., in plaats van aan evengenoemd artikel, toepassing had dienen te geven aan art. 8:32 Awb, zodat in elk geval diens gemachtigde inzage in de onderhavige stukken had kunnen hebben en aldus de motivering van het bestreden besluit adequaat had kunnen bestrijden. Gelijk ook de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft overwogen in haar uitspraak van 8 januari 1998 (gepubliceerd in RAwb 1998, 71) vloeit uit de aard van een procedure in het kader van de Wob voort, dat een beroep van het bestuursorgaan op een beperking van de kennisneming als bedoeld in art. 8:29 Awb, van de stukken waarop het verzoek om openbaarmaking zich richt, per definitie gerechtvaardigd is. Een geslaagd beroep op de beperking van de kennisneming van de stukken door uitsluitend de Rb. sluit voorts de toepassing van art. 8:32 Awb ten aanzien van diezelfde stukken uit. Materieel: Afwijzing Wob-verzoek tot inzage in door BVD aan Staatssecretaris van Justitie verstrekte onderzoeksgegevens in kader van asielverzoek eiser, op de grond dat het belang van de staatsveiligheid zich hiertegen verzet. Verweerder heeft zich op goede grond op het standpunt gesteld dat art. 10.1.b Wob zich verzet tegen de verzochte openbaarmaking. Met zijn beroep op het o.m. in art. 6 EVRM neergelegde recht op een eerlijk proces ziet eiser over het hoofd dat de Wob-weigering op zichzelf niet meebrengt dat hij in de gerechtelijke procedure inzake niet-inwilliging van de aanvraag om toelating als vluchteling niet over deze documenten zal kunnen beschikken. Voor zover hij vreest dat hem ook in die procedure inzage in de stukken zal worden geweigerd staat de vraag of hij in dit verband met succes de bescherming van art. 6 EVRM kan inroepen in die procedure en niet in de onderhavige ter beoordeling.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
