Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2012:BZ2958

Rechtbank 's-Gravenhage · 18-09-2012 · zaaknummer 414259 FA RK 12-1574

Civiel recht; Personen- en familierechtGepubliceerd 08-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Art.1:253a BW, Vervangende toestemming tot verhuizing. De moeder verzoekt vervangende toestemming om met de minderjarige vanuit plaats 1 naar plaats 2 te verhuizen in verband met een aanstelling bij het ziekenhuis. De moeder heeft een evident belang bij het genereren van een inkomen, vanwege haar onderhoudsverplichting jegens de minderjarige en de omstandigheid dat de vader geen substantieel inkomen geniet. De vervulling van een andere functie wordt door de rechtbank niet als reele mogelijkheid beschouwd, zodat de noodzaak tot verhuizing voldoende aannemelijk wordt geacht. In de huidige omstandigheden waarin partijen verkeren oordeelt de rechtbank, in aanmerking genomen dat de moeder kostwinner is en gegeven haar belang bij en de noodzaak tot verhuizing, dat er zonder de verhuizing zoals door de moeder verzocht geen zekerheid is dat de toekomst van de minderjarige in financieel opzicht gewaarborgd is. Voorts constateert de rechtbank dat de communicatie tussen partijen zeer slecht is, zodanig dat de uitvoering van de co-ouderschapsregeling tot ernstige problemen leidt. Dit leidt tot de conclusie dat de minderjarige niet een zodanig belang heeft bij voortzetting van de co-ouderschapsregeling dat dit belang op zichzelf een belemmering dient te vormen voor toewijzing van het verzoek. In deze specifieke omstandigheden weegt het financiele belang van de minderjarige bij verhuizing naar het oordeel van de rechtbank zwaarder dan het belang van de minderjarige bij behoud van zijn vertrouwde omgeving en bij fysieke beschikbaarheid van de vader voor de dagelijkse zorg. Hier komt nog bij dat de vader economisch niet aan plaats 1 verbonden is en er zijn bovendien onvoldoende aanknopingspunten die nopen tot de conclusie dat een eventuele verhuizing een te grote belasting voor de minderjarige zou zijn en hij niet of onvldoende in staat zou zijn zich in een nieuwe omgeving te wortelen. Naar het oordeel van de rechtbank prevaleren de belangen van de minderjarige en de moeder bij verhuizing naar plaats 2 boven een eventuele keuze van de vader om in plaats 1 te blijven wonen. Het verzoek van de moeder wordt - onder de opschortende voorwaarde van totstandkoming van de aanstelling van de moeder bij het ziekenhuis - toegewezen. De rechtbank ziet aanleiding partijen in de gelegenheid te stellen zich in het kader van een ouderschapsonderzoek nader uit te laten over de zorgregeling en - voor het geval partijen niet tot overeenstemming komen - om een deskundige de rechtbank over dit punt te doen informeren en adviseren. De beslissingen omtrent de vervangende toestemming tot verhuizing, hoofdverblijfplaats en zorgregeling worden aangehouden in afwachting van de resultaten van het ouderschapsonderzoek. Tweede tussenbeschikking: LJN: BZ 2968 Eindbeschikking: LJN: BZ 2972

Rechters

In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.